Het wereldwijde magazine en verkoopplatform voor liefhebbers van klassieke auto’s, door liefhebbers.
Het wereldwijde magazine en verkoopplatform voor liefhebbers van klassieke auto’s, door liefhebbers.
De naam Gerald Palmer is onlosmakelijk verbonden met robuuste, betrouwbare en bovenal praktische gezinsauto's. Zijn werk aan de Jowett Javelin wordt misschien wat onderschat, ondanks het feit dat die eind jaren veertig zijn tijd ver vooruit was. Toch bracht juist zijn korte periode bij BMC's merk Wolseley volgens velen zijn meest elegante en geliefde ontwerp voort: de Six-Ninety.
De Ninety was een van de vier modellen die Palmer voor BMC tekende en was bedoeld als opvolger van de verouderde Wolseley Six-Eighty. Wie beide auto's naast elkaar zet, zal echter moeite hebben overeenkomsten te ontdekken. Palmers nieuwe ontwerp had veel meer gemeen met zijn Riley Pathfinder. Gelukkig ontbrak daarbij wel de beruchte neiging van dat model om zonder waarschuwing de dichtstbijzijnde sloot in te duiken.
Technisch betekende BMC's nieuwste aanwinst een flinke stap voorwaarts. De Wolseley was het eerste model dat werd uitgerust met BMC's nieuwe zescilinder C-Series-motor. Deze krachtbron, ontwikkeld in de fabriek van Longbridge, was vanaf het begin ontworpen met duurzaamheid als uitgangspunt. Dankzij twee SU-carburateurs en een cilinderinhoud van 2.639 cc leverde de motor al bij 2.000 t/min een koppel van 135 lb ft. De sterke trekkracht bij lage toerentallen, gecombineerd met een uitzonderlijk soepele loop, maakte de auto uitstekend geschikt voor intensief gebruik. Niet voor niets werd de sedan bijzonder populair bij de Metropolitan Police, waar een zwarte Six-Ninety uitgroeide tot het archetype van de Britse politieauto uit de jaren vijftig.
Ook het verlichte ovale radiatorembleem, sinds 1932 hét handelsmerk van Wolseley, werd vanzelfsprekend overgenomen. Het interieur van de Six-Ninety was eveneens hoogwaardig afgewerkt, met lederen bekleding in verschillende kleuren. Bij de Series I werd het dashboard gedomineerd door een grijs gestreept instrumentenpaneel van Formica. Dit gemakkelijk schoon te houden 'wondermateriaal' moest het ultramoderne karakter van het nieuwe model onderstrepen en kreeg dan ook een prominente plaats in Palmers topmodel. Bij de laatste Series III had Formica echter plaatsgemaakt voor een klassiek dashboard met walnootfineer.
De Six-Ninety beleefde zijn debuut tijdens de British International Motor Show van oktober 1954. De pas gevormde British Motor Corporation richtte de moderne sedan op professionals en de gegoede middenklasse. De prijs begon bij £1.062, inclusief Purchase Tax. Een met leer bekleed interieur was standaard, terwijl opties als een automatische transmissie, een Radiomobile-buizenradio, een sigarenaansteker en mistlampen de koper volop keuze boden. Exportmodellen kregen bovendien knipperlichten, terwijl auto's voor de Britse markt nog waren uitgerust met de traditionele richtingaanwijzers in de B-stijl.
Palmer's loopbaan bij BMC kwam echter abrupt ten einde toen hij op beruchte wijze werd ontslagen door bestuursvoorzitter Leonard Lord. Was dat niet gebeurd, dan had hij mogelijk nog een nieuwe generatie Rovers, MG's en Wolseleys kunnen ontwerpen en auto's kunnen creëren die zich konden meten met de beste modellen van Lancia, Rover, Triumph en Volvo. Met de Six-Ninety bewees Palmer in ieder geval dat betrouwbaarheid, degelijkheid en praktische bruikbaarheid uitstekend samengaan met elegante vormgeving. Daarmee verzekerde hij zich van een blijvende plaats in de Britse autogeschiedenis. Toch blijft het verleidelijk om te bedenken wat er nog had kunnen volgen.
Tekst en foto's: Alexander Simmons-Miller